Heilzaam bewegen

Taiji en qigong bieden je de mogelijkheid tot heilzaam bewegen. Heilzaam bewegen is meer dan alleen je fitter en ontspannen voelen. De bewegingen kunnen je ook heil of geluk brengen. Dit geluk is er niet vanzelfsprekend. Het vraagt van de beoefenaar een bepaalde houding, zowel lichamelijk als geestelijk. Deze houding laat zich heel goed onder woorden brengen aan de hand van de drie geloften die een Benedictijnse monnik aflegt, als hij in het klooster intreedt : stabilitas, conversatio morum en obedienta.

Stabilitas

Stabilitas betekent standvastigheid. Meestal wordt aan stabilitas loci toegevoegd. Dit houdt in dat de monnik ervoor kiest zijn gehele leven in één klooster te verblijven. In taiji en qigong is het eerste dat je leert je aandacht in je bron van energie of dantien (4 vingerbreedtes onder je navel ongeveer 4 cm. naar binnen) te houden. Wanneer je dáár verankerd bent, dán kun je aanwezig blijven. Je hoeft niet meer op de loop te gaan of je te verzetten tegen wat er zich in jouw leven voordoet. Je verbindt je met wat op je pad komt, leuk of niet leuk. Dat is standvastigheid. Vervolgens leer je je middenkanaal vrij te laten doorstromen, te openen. Dit brengt stilte en blijheid. Het middenkanaal verbindt jouw bron van energie, je hart en je geest (achter je voorhoofd ook 4 cm. naar binnen) met elkaar.

Als je middenkanaal open is, krijgt je geest de kracht om los te komen uit verstard denken en kan weer ruim worden. In Christelijke termen gezegd sta je meer open voor God. Dit is ook precies waarom monniken de gelofte van stabilitas loci afleggen. Door niet steeds hun leven te veranderen krijgen ze meer ruimte om zich open te stellen voor God. Op gelijke wijze, als de energie door je middenkanaal stroomt, kan het hogere jou meer beïnvloeden. Je hart opent zich. Je verbindt je met het leven. Je geeft vanuit je eigen volheid zonder je te verliezen in de verlangens en behoeften van een ander. Geven is niet jezelf wegschenken. Geven maakt je gelukkiger en wakkert je verlangen om te geven verder aan. In de partnervorm van taiji wordt dit heel zichtbaar. Vaak bewegen we vanuit vechten of vluchten. Je spieren zijn dan hard en je doet jezelf en je oefenmaat daarmee pijn. Geef je mee vanuit een geworteld zijn, dan ben je soepel en flexibel zonder dat je omgeduwd kan worden.

Conversatio morum

Met de conversatio morum wordt een element aan stabilitas toegevoegd. Conversatio morum laat zich slecht vertalen. Het bestaat uit twee aspecten. Het eerste heette in mijn opvoeding, dat je je dag aan God opdroeg. We begonnen de ochtend met gebed, tijdens de maaltijden werd er gebeden en ’s avonds sloten we de dag ermee af. Tegenwoordig begin en eindig ik de dag met meditatie en taiji of qigong. Het tweede aspect is de omkering: je kijkt telkens terug om te zien of je nog toegewijd bent aan het hogere. Zo niet, dan herneem je je en je kijkt hoe je een volgende keer je levensstijl zo kan veranderen dat je wel in contact blijft. Het gespreid over de dag bidden in mijn opvoeding herinnerde me daar steeds weer aan. In de beoefening van taiji en qigong is de kunst je aandacht voortdurend zowel in je bron van energie als in je geest te houden. Hierdoor kan de energie vrij door je middenkanaal stromen. Je geest is dan ruim. Je gedachten zijn tot rust gekomen. Jouw lichaam beweegt als één geheel. Er komt orde in zowel je lichaam als je geest. Je kunt jouw kracht uitwaarts laten gaan naar de ander of daar waar jij mee bezig bent.

Obedienta

Wanneer je zo aanwezig bent, kun je luisteren naar jezelf: je lichaam en je intuïtie. Dit is de gelofte van obedienta, gehoorzaamheid. In ‘gehoorzaamheid’ zit het woord ‘horen’. Het gaat om zonder oordeel te luisteren. In mijn lessen hoor ik nogal eens de volgende zinnen:

  • ik weet pas de dag erna of het me goed is bekomen.
  • door die en die oefening voelde ik me de volgende dag naar.

In beide gevallen hebben we mogelijk wel de signalen van ons lichaam tijdens de les gemerkt, maar geen passend antwoord gegeven: gewoon doorgegaan of gestopt met de oefening (respons van vechten of vluchten; geen stabilitas). Bij obedienta gaat het om luisteren en meteen gehoor geven. Degenen die vertrouwt zijn met spontane beweging weten wat dit gehoor geven is. Het vraagt om overgave aan een subtieler en krachtiger deel van jezelf. In de partner-oefeningen van taiji maak je je ook het luisteren naar de ander eigen. Het luisteren wordt een kracht, zodra je vanuit jouw centrum onmiddellijk zonder nadenken respons geeft.

Groeien

Keer ik terug naar de conversatio morum, dan kun je na elke oefensessie luisteren waar je een volgende keer in zou kunnen groeien. De conversatio, de omkering, is niet een omkering van 180 graden, maar van vele kleine stapjes. Dus kies één aandachtspunt en ga je daarin oefenen tot je het beheerst. Hoe kleiner je het stapje maakt, hoe meer je resultaat ziet en de moed houdt om door te gaan, stabilitas, ook in tijden dat je de zin erin verloren hebt. Het resultaat is meer geluk, omdat jij steeds meer in staat bent om te doen wat je wilt doen.

Geplaatst door Helen IJsselmuiden op 29 februari 2016